Vervolgoefening op het boek

Inleiding op de oefening

Fotolia_40316280_XS.jpgOm het gesprek in uzelf beter te kunnen sturen wordt in het boek de metafoor van het klaslokaal geïntroduceerd. Alle delen van uzelf nemen daarin plaats en er is uiteraard ook een docent die de klas aanstuurt. De delen in uzelf, en dus in uw klasje, kunt u indelen in 3 groepen. Deze worden verder uitgelegd bij delen in uzelf.  Voor u verder gaat, is het handig om dit een keer te hebben gelezen.

Oefening

Hier volgt een oefening die u helpt om de verschillende algemene delen in uzelf (groepen A en B) te leren herkennen en om er uw eigen klasopstelling van te maken. Groep C is achterwege gelaten omdat dit delen zijn die per persoon anders kunnen zijn. De delen uit groepen A en B worden door iedereen herkend. En, schrik niet, het zijn er wel 23!

Onderaan de tekst kunt u de klasopstelling aanklikken. Eerst nog een korte uitleg over de mogelijkheden van wat u daar aantreft.

In de oefening staat een docent voor een, nu nog, lege klas. Één voor één kunt u uw delen een plek in de klas geven. Deze delen staan boven de docent in een willekeurige rangschikking. Om duidelijk te maken wat dit deel voor rol of doel heeft, kunt u het blokje dubbel aanklikken en dan verschijnt er uitleg over dit deel. Het is nu aan u om dit deel te verslepen naar de plaats in de klas waar dit deel naar uw idee momenteel thuishoort.

Delen waar u in gedachten / gedrag veel mee bezig bent, nemen vóór in de klas plaats, delen die weinig aandacht van u vragen, nemen achterin in de klas plaats.
Vervolgens kunt u door op het stoplicht (aan de zijkant) een kleur aan te klikken, het deel een kleur geven die behoort bij het spanningsniveau die u bij dit deel ervaart. 

Terzijde:

Een deel kan veel aan bod komen maar dat hoeft niet te betekenen dat dit ook voor spanning zorgt. Als u bijvoorbeeld een fulltime baan hebt, is het vrij begrijpelijk dat de werknemer in uzelf voor in de klas komt te zitten. Als dit deel verder geen zorgen heeft, kunt u het stoplicht aanklikken en het deel de groene kleur geven. Als dit deel echter buiten uw werkuren nog bijvoorbeeld aandacht opeist, wat ten koste gaat van andere rollen, geeft dit waarschijnlijk wel spanning en past de kleur oranje of rood beter.

Een deel kan ook weinig aan bod komen, dus achterin de klas zitten. Dat hoeft niet gelijk een spanningsbron te zijn. Als we weer de werknemer als voorbeeld nemen; stel dat u bewust hebt gekozen voor een parttime functie en dit loopt prima. Dan zit dit deel weliswaar achterin, maar kan het stoplicht op groen. Dat is natuurlijk anders als u parttime werkt maar eigenlijk juist graag meer zou willen werken.

Hoe uw klas er nu uitziet, kan en zal waarschijnlijk anders zijn dan een jaar geleden en zeg, volgend jaar. Hoe groener uw klas eruit ziet, hoe meer u uzelf als evenwichtig zult ervaren. Misschien komt u nog delen in uzelf tegen die niet in de visualisatie voorkomen. Er zijn natuurlijk ook rollen bedenkbaar (bijvoorbeeld oma of buurvrouw) die voor slechts een beperkte groep een belangrijke rol speelt. Mocht dit voor u echter wel het geval zijn, wees creatief en bedenk ze erbij.

Tip: Print uw klasopstelling uit (eventueel via CTRL + ALT + PrtSc en dit vervolgens te plakken middels Ctrl + v in een Word document). Door later verschillende opstellingen naast elkaar te leggen, kunt u uw eigen vooruitgang goed zien.

Heel veel inzichten toegewenst.

Klik hier om naar uw klasopstelling te gaan.